Nieuws

Gemiddelde reële dekkingsgraad per 31 januari 2018 95,5% (+0,3%-punt)
  • Degemiddelde reële dekkingsgraad over de laatste twaalf maanden steeg met 0,3%-punt naar 95,5%. Op basis hiervan is op dit moment volledige toeslagverlening mogelijk (zie toeslagenbeleid).
  • De DNB-beleidsdekkingsgraad kwam eind januari uit op 142,4%. Dat is 0,2%-punt hoger dan vorige maand en ruim boven de wettelijk vereiste dekkingsgraad van 110%.
  • De marktwaardedekkingsgraad is met 1,0%-punt gestegen naar 140,1%. Deze dekkingsgraad geeft het beste beeld van de financiële ontwikkeling van het Fonds in de afgelopen maand.

Gemiddelde reële dekkingsgraad

DNB-beleidsdekkingsgraad

Marktwaardedekkingsgraad

95,5%

142,4%

140,1%

▲0,3%

▲0,2%

▲1,0%

Wij begrijpen dat de verschillende dekkingsgraden vragen bij u kunnen oproepen. Voor meer informatie verwijzen we u daarom graag naar de uitleg over de dekkingsgraad van het Fonds

Verloop dekkingsgraden

Beweeg de muis over de grafiek voor meer informatie

Let op
De oranje lijn in de grafiek toont de twaalfmaandsgemiddelde reële dekkingsgraad. Tot 1 januari 2016 betreffen de punten echter nog de actuele reële dekkingsgraad.


Ontwikkelingen in de afgelopen maand

  • De voorziening voor het nabestaandenpensioen is met terugwerkende kracht per 31 december 2017 verhoogd op basis van een betere inschatting van het leeftijdsverschil tussen deelnemers en hun partners. De totale verplichtingen namen hierdoor toe met 0,3%. Als gevolg hiervan is de marktwaardedekkingsgraad per 31 december 2017 bijgesteld met -0,5% naar 139,1% (140,1% per 31 januari 2018).
  • Het totale rendement op de beleggingen over de maand januari kwam uit op -1,0%. Alleen met de beleggingscategorieën aandelen ontwikkelde markten en aandelen opkomende markten werd een positief rendement behaald.
  • Door het totale negatieve rendement daalde de waarde van de beleggingen € 0,3 miljard naar € 27,0 miljard.
  • Door de stijging van de rente daalde de totale waarde van de pensioenverplichtingen met 1,8%.
  • De marktwaardedekkingsgraad steeg, omdat de waarde van de pensioenverplichtingen procentueel harder daalde dan de waarde van de beleggingen. • De waarde van de reële pensioenverplichtingen daalde procentueel nagenoeg net zo hard als de waarde van de nominale pensioenverplichtingen bij een licht gestegen inflatieverwachting.